ARTIKEL B5 - Depotverplichting

  • 1.

    Indien sprake is van een depotverplichting in verband met nieuwbouw, kwaliteitsverbetering en/of energiebesparende voorzieningen, mag de geldverstrekker niet eerder overgaan tot uitbetaling van de gelden in depot dan dat op basis van nota's waarvan de datum in ieder geval na de aanvraagdatum van de hypothecaire geldlening ligt, aannemelijk is gemaakt dat de kosten zijn gemaakt.

  • 2.

    Indien na voltooiing van de woning c.q. werkzaamheden een saldo in depot overblijft, dient dit saldo te worden aangewend als extra aflossing op de lening.

In de Regeling hypothecair krediet 2018 is bepaald dat de lening niet meer mag bedragen dan 100% van de waarde van de woning, eventueel na verbouwing. Alleen indien sprake is van het treffen van energiebesparende voorzieningen mogen de kosten hiervan worden meegefinancierd tot maximaal 106% van de waarde na verbouwing.

Om de waardestijging te kunnen realiseren, zodat de hoogte van de lening blijft aansluiten bij de waarde van de woning, is het noodzakelijk dat verbouwingskosten en/of energiebesparende voorzieningen wel worden gemaakt. Daarom moet het saldo van de kosten voor de verbouwing in depot worden gehouden. De geldverstrekker mag alleen tot uitbetaling overgaan als deze een nota heeft ontvangen waaruit de kosten blijken en deze nota een datum heeft na aanvraagdatum.

Als alle werkzaamheden zijn uitgevoerd en er blijft een restant over in het depot, dan dient dit bedrag te worden afgelost op de lening.

Voor de goede orde wordt gemeld dat de stichting geen termijn stelt aan de looptijd van een depot. Bij opheffing van een depot dienen de resterende bedragen te worden afgelost op de lening.