ARTIKEL B4 - Overname borgtocht door nieuwe geldverstrekker

  • 1.

    Een geldverstrekker kan van de stichting een borgtocht verkrijgen voor een lening die aangewend wordt voor aflossing van de (gezamenlijke) lening(en) verstrekt door een andere geldverstrekker voor zover sprake is van hetzelfde onderpand en de consument in de woning blijft wonen en de hoofdsom van de nieuwe lening niet hoger is dan de som van het af te lossen bedrag van de bestaande lening en de kosten die verband houden met het afsluiten van de nieuwe lening en de aflossing van de bestaande lening. 

  • 2.

    Op de borgtocht is Artikel A1 lid 3 van toepassing.

  • 3.

    Ten tijde van de overname van de borgtocht zijn de Normen 2018-2 niet van toepassing met uitzondering van Norm 5.1.3,  5.1.4 en 5.2.

  • 4.

    Overname van de borgtocht is uitsluitend toegestaan indien op het moment van toetsen geen sprake is van actuele betalingsachterstanden op de hypotheek en/of op overige financiële verplichtingen. In dit verband is de geldverstrekker verplicht conform Norm 1.13 een opgave van de geregistreerde krediet(en) op te vragen bij de Stichting Bureau Krediet Registratie (BKR) te Tiel. Eventuele 2-codering(en) die blijkens de opgave van het BKR is/zijn hersteld of afgelost mag/mogen buiten beschouwing worden gelaten. Voorts is de geldverstrekker verplicht een opgave te vragen bij de Stichting Fraudebestrijding Hypotheken (SFH). Overname van de borgtocht is niet mogelijk indien een geldnemer is opgenomen in het SFH-systeem.

  • 5.

    De geldverstrekker behoeft bij een verzoek tot betaling van een verlies na overname borgtocht aan de stichting niet de documenten conform Bijlage 2, maar wel de in de Bijlage 2A genoemde documenten te overleggen. De geldverstrekker is verplicht de nieuwe lening op de wijze en binnen de periode als vermeld in Artikel A4 aan de stichting te melden. De over deze lening verschuldigde borgtochtprovisie bedraagt €1,-.

Als een geldnemer zijn lening wenst over te sluiten naar een andere geldverstrekker, kan de NHG behouden blijven. Oversluiten kan leiden tot verbetering van een klantsituatie bijvoorbeeld als de nieuwe geldverstrekker een lagere rente wil geven of als de leningsvoorwaarden beter zijn. Omdat oversluiten in het voordeel van de geldnemer(s) dient te zijn, heeft de stichting per 1 januari 2018 besloten om de borgtocht op de nieuwe lening te laten aansluiten bij de restantschuld eventueel vermeerderd met bijkomende kosten. Wel blijft de resterende looptijd van toepassing (zie artikel A1 lid 3). In deze gevallen kan het dus betekenen dat de nieuwe borgstelling hoger wordt dan de bestaande borgstelling. Voor een oversluiting met behoud van de NHG is een borgtochtprovisie verschuldigd van € 1,-.