ARTIKEL B15 - Meldingsverplichtingen / toestemmingsvereisten

  • 1.

    Indien bij het verzoek tot betaling van het verlies blijkt dat de geldverstrekker de in artikel A4, lid 1 en 2 van de Algemene Voorwaarden voor Borgtocht verplichte melding niet heeft gedaan, zal de stichting het op basis van Artikel B13 vastgestelde verlies niet uitkeren.

  • 2.

    Indien bij het verzoek tot betaling van het verlies blijkt dat de geldverstrekker de in de Algemene Voorwaarden voor Borgtocht en/of de in de Gedragslijn Intensief Beheer vastgelegde meldingsverplichtingen niet is nagekomen, vermindert de stichting het op basis van Artikel B13 vastgestelde verlies per niet nagekomen verplichting met een bedrag ter grootte van 10% van het door de stichting op basis van Artikel B13 vastgestelde verlies.

  • 3.

    Indien bij het verzoek tot betaling van het verlies blijkt dat de geldverstrekker de in Artikel B12 lid 1 vastgelegde indieningstermijn heeft overschreden, vermindert de stichting het op basis van Artikel B13 vastgestelde verlies, voor elke maand dat deze termijn is overschreden, met een bedrag ter grootte van 10% van het door de stichting op basis van Artikel B13 vastgestelde verlies.

  • 4.

    Indien bij het verzoek tot betaling van het verlies blijkt dat de geldverstrekker de in de artikelen B10, B10A en B11 van de Algemene Voorwaarden voor Borgtocht vereiste toestemming niet heeft gekregen van de stichting, vermindert de stichting het op basis van Artikel B13 vastgestelde verlies met een bedrag ter grootte van 10% van het door de stichting op basis van Artikel B13 vastgestelde verlies.

  • 5.

    Het recht van de stichting om aanspraak te maken op boetes als vermeld in de leden 2, 3 en 4 van dit artikel, laat onverlet het recht van de stichting op vergoeding van de schade voor zover deze voormelde boete(s) te boven gaat.

De geldverstrekker is verplicht op bepaalde momenten een melding te doen of toestemming te vragen aan de stichting. Indien deze verplichte meldingen niet zijn gedaan of de toestemming niet is gegeven, heeft dit gevolgen voor de uitbetaling van een verliesdeclaratie.

Indien de NHG-melding bij verstrekking van de lening niet is gedaan, zal de verliesdeclaratie niet worden uitgekeerd.

Voor iedere meldingsverplichting conform de Voorwaarden en/of de GIB die niet is nagekomen, wordt per niet nagekomen melding 10% in mindering gebracht op de verliesdeclaratie.

Als de stichting geen toestemming heeft gegeven voor een onderhandse verkoop waarbij sprake is van een eindbod lager dan 95% van de marktwaarde, een gedwongen onderhandse verkoop met verlies of een executoriale verkoop, wordt 10% van het verlies in minder gebracht op de uitkering.

Indien de termijn voor het indienen van de verliesdeclaratie is overschreden, wordt voor iedere maand overschrijding eveneens 10% in mindering gebracht op de verliesdeclaratie.

Indien de stichting constateert dat door handelen van de geldverstrekker de stichting meer schade heeft ondervonden dan dat de voornoemde 10% rechtvaardigt, is de stichting gerechtigd hiervoor een vergoeding van de geldverstrekker te eisen.