3.6 Aanvullende lening - afkoop erfpacht of verkrijgen volle eigendom van de grond

  • 3.6.1

    Indien sprake is van afkoop van de erfpachtcanonverplichtingen of het verkrijgen van het recht van volle eigendom van de grond, is een aanvullende lening mogelijk, onder de voorwaarden dat:

    a. de som van de nog niet afgeloste hoofdsom van de bestaande hypothecaire lening(en) en de totale kosten van de afkoop van de toekomstige erfpachtcanonverplichtingen dan wel het verkrijgen van het recht van volle eigendom van de grond, niet meer bedraagt dan de marktwaarde vrij van huur en gebruik zoals deze wordt getaxeerd na afkoop van de toekomstige erfpachtcanonverplichting of het verkrijgen van het recht van volle eigendom van de grond;
    b. tot zekerheid voor de vordering(en) uit hoofde van de aanvullende lening een eerste dan wel tweede hypotheek of eerste dan wel tweede pandrecht op de woning wordt gevestigd overeenkomstig Artikel A2, lid 2, van de Algemene Voorwaarden voor Borgtocht 2018-1;
    c. indien sprake is van het verkrijgen van de volle eigendom van de grond door de erfpachter, dient het onder b. genoemde recht te worden gevestigd op de woning en de daarbij behorende grond;
    d. deze wordt afgesloten bij de geldverstrekker van de bestaande lening;
    e. bij afkoop van de erfpachtcanonverplichtingen geldt dat het recht van erfpacht na afkoop van de erfpachtcanonverplichtingen gedurende de looptijd van de lening niet kan eindigen door:
    - tijdsverloop; of
    - opzegging zonder een passende vergoeding voor de waarde van de opstal.

  • 3.6.2

    De aanvullende lening mag uitsluitend betrekking hebben op:
    a. de totale kosten van:
    - de afkoop van de toekomstige erfpachtcanonverplichtingen, mits de afkooptermijn tenminste gelijk is aan de looptijd van de lening; of
    - het verkrijgen van het recht van volle eigendom van de grond;
    b. de kosten van kwaliteitsverbetering en/of energiebesparende voorzieningen (zie Norm 1.8.7, 1.9 en 1.10);
    c. de kosten van het taxatierapport en/of het bouwkundig rapport;
    d. de kosten van verwerving en financiering.

  • 3.6.3

    Indien de kosten vermeld in Norm 3.6.2 c. en d. op de datum bindend aanbod van de lening niet exact bekend zijn, mogen deze worden bepaald op basis van een redelijke inschatting.

  • 3.6.4

    De som van de nog niet afgeloste hoofdsom van de bestaande lening(en) en de aanvullende lening mag niet meer bedragen dan de van toepassing zijnde kostengrens (zie Norm 1.6).

  • 3.6.5

    De borgstelling van de Nationale Hypotheek Garantie is van toepassing op de aanvullende lening.

  • 3.6.6

    De borgtochtprovisie wordt berekend over de som van de restantschuld van de bestaande hypothecaire lening(en) en de aanvullende lening. Indien ten aanzien van de bestaande hypothecaire lening reeds sprake is van Nationale Hypotheek Garantie, wordt de borgtochtprovisie berekend over de aanvullende lening.

  • 3.6.7

    In de toetsing dient conform Norm 7.9 rekening te worden gehouden met de som van de bestaande lening(en) en de aanvullende lening.

Indien de aanvullende lening wordt afgesloten voor het afkopen van de erfpachtcanon mag de resterende duur van de erfpachtovereenkomst niet korter zijn dan de duur van de lening tenzij uit de erfpachtovereenkomst blijkt dat - indien de erfpachtovereenkomst niet wordt verlengd - een passende vergoeding voor de opstallen wordt gegeven. De betaling van een passende vergoeding is bij wet geregeld voor erfpachtovereenkomsten die zijn aangegaan vanaf 1 januari 1992.